De Spaanse overheersers die de dienst uitmaakten op het Cuba van de 18e eeuw zagen het eiland voornamelijk als een handige doorvoerhaven. Cuba zelf bleef echter onontwikkeld en mocht alleen handel drijven met het Spaanse moederland. Tot een korte bezetting door de Engelsen in 1762 een nieuwe tijd inluidde.
Het handelsembargo werd opgeheven en de Cubaanse suikerindustrie kwam echt op gang. Halverwege de 19e eeuw stegen ook de suikerprijzen explosief. De komst van een beter type suikerriet en de aanleg van een spoorlijn maakte suiker in die tijd tot een goudmijn.
Het werd langzaam tijd voor een revolutie.
De twee onafhankelijksoorlogen die volgden kostten tienduizenden Cubanen het leven.
Op 15 februari 1898 werd de Amerikaanse oorlogsbodem U.S.S. Maine in de haven van Havana opgeblazen en op dat moment kozen ook de Amerikanen de zijde van de rebellen.
Met vereende krachten werd het Spaanse bestuur binnen een jaar met harde hand van het eiland verdreven.
Uiteraard moest daar op gedronken worden. In de 'American Bar' op Neptuno Street in Havana, waar de Amerikaanse soldaten met verlof hun vertier zochten ontstond toen de Cuba Libre. Deze klassieke mix van rum (Bacardi?), Coca-Cola, lime en ijs was een hit en vond snel zijn weg naar het Amerikaanse continent als symbool voor het nieuwe, vrije Cuba. Cuba Libre!






Reacties